Seksualiteit binnen de psychiatrie

Seksualiteit en psychiatrische aandoeningen beïnvloeden elkaar. Aan de ene kant heeft seksualiteit invloed op het psychisch welbevinden van een cliënt. Aan de andere kant kunnen problemen rond seksualiteit een onderliggende oorzaak zijn van psychiatrische klachten. Het is daarom belangrijk dat seksualiteit een vanzelfsprekend onderwerp is binnen de GGZ.

Seksuele klachten en psychiatrische aandoeningen

Seks kan helpen bij het omgaan met teleurstellingen of bij eenzaamheid, het vervult een behoefte aan intimiteit en tederheid. Een bevredigend seksleven heeft een positieve invloed op het zelfbeeld, kan stress verminderen en slaap bevorderen. Misschien is het voor mensen met een psychiatrische aandoening daarom juist extra belangrijk om op een positieve manier vorm te kunnen geven aan seksuele activiteit.

Maar psychiatrische patiënten ervaren juist meer seksuele problemen en zijn over het algemeen minder tevreden met hun seksuele leven in vergelijking tot de algehele bevolking. Psychiatrische aandoeningen en de medicatie die daar vaak bij komt kijken, kunnen leiden tot seksuele klachten. Klachten die op hun beurt kunnen leiden tot zaken als frustraties, meer gevoelens van eenzaamheid en een minder positief zelfbeeld. Seksuele klachten zijn dan ook niet zelden een van de onderliggende oorzaken van de psychiatrische klachten.

Andere mogelijke problemen rond seksualiteit

Problemen rond seksualiteit kunnen ook op een andere manier een onderliggende oorzaak zijn van verminderd psychisch welbevinden of een psychiatische aandoeningen. Een bekend voorbeeld hiervan is het meemaken van seksueel misbruik. Maar mensen kunnen ook problemen ervaren rond genderidentiteit en seksuele oriëntatie. Of psychisch last hebben van seksverslaving of een andere parafilie.

Bespreekbaar maken van seksualiteit in de psychiatrie

Seksualiteit zou dus een vanzelfsprekend onderwerp moeten zijn binnen de psychiatrie. Ruim 90% van de psychiatriemedewerkers is het hier ook mee eens en vindt seksualiteit ook belangrijk thema. Maar handelingsverlegenheid en schaamte vormen nog te vaak een barrière voor de zorgverleners om seksualiteit ook daadwerkelijk te bespreken. En omdat ook maar 10% van de cliënten zelf over problemen rond de seksualiteit begint, blijft veel van bovenstaande problematiek onopgemerkt en onbehandeld.

Meer aandacht voor seksualiteit in protocollen en in beleid van GGZ-instellingen is nodig om de psychiatrisch professional hier beter in te ondersteunen. Daarnaast kan een aantal praktische tips en adviezen veel zorgprofessionals al op weg helpen. Met een beetje lef om gewoon te beginnen met over seksualiteit te praten kom je al een heel eind. Als professionals zich echt niet competent voelen om het gesprek over seksualiteit aan te gaan, behoort een nascholing altijd nog tot de mogelijkheden.