Welke woorden gebruikt u?

Het kan even zoeken zijn naar de juiste manier om vragen te stellen. En welke termen kunt u gebruiken of juist beter vermijden? Hieronder 7 tips:

1. Vermijd suggestieve vragen

Vraag niet: 'U bent recent toch niet van partner gewisseld?'. Maar vraag: 'Bent u recent van partner gewisseld?'. Zorg dat er geen vooronderstellingen en oordelen in uw vraag besloten liggen. U kunt bijvoorbeeld vragen:

  • Bent u seksueel actief?
  • Heeft u een relatie?
  • Heeft u seks met mannen, vrouwen of beiden?

2. Gebruik neutrale termen

Gebruik neutrale termen als het over seksuele voorkeur gaat. Dus zeg partner in plaats van vriend of vriendin. En vraag naar gedrag, niet naar identiteit. Vraag aan een mannelijke cliënt bijvoorbeeld: 'Heeft u wel eens seks gehad met een man?', in plaats van: 'Bent u homoseksueel?'.

3. Neem het voortouw

Cliënten vinden het soms lastig om de juiste term te vinden. Als u een woord eerst gebruikt, geeft u ze toestemming om dat woord ook te gebruiken. Maar neem ook de woorden van uw cliënt over. Blijf niet over orgasme praten als uw cliënt het woord klaarkomen gebruikt. Tenzij u zich daar niet comfortabel bij voelt natuurlijk.

4. Wees voorzichtig met wetenschappelijke termen

Niet iedereen begrijpt een term als coïtus of orale seks. Wees bereid deze termen toe te lichten als u ze toch wilt gebruiken.

5. Vermijd eufemismen

Een term als vrijen is niet precies genoeg en kan verwarring veroorzaken. Biedt alternatieven door explicietere woorden te gebruiken.

6. Pas op met schuttingtaal

Gebruik liever geen drieletterwoorden, ook al worden ze in het dagelijkse leven misschien wel gebruikt. Uw cliënt verwacht dit soort taalgebruik niet van u. Als uw cliënt zelf schuttingwoorden gebruikt waarvan u twijfelt over de precieze betekenis, wees dan niet bang verduidelijking te vragen.

7. Gebruik termen waar u zich zelf prettig bij voelt

Als uw cliënt aan u merkt dat u zich niet comfortabel voelt over het gespreksonderwerp, zal hij of zij minder duidelijk antwoord durven geven.

► Omgaan met verschillen